In het weergaloze boek Een Cursus in Wonderen, dat wordt toegeschreven aan Jezus, zegt hij ergens: ‘Zoon van God, jij hebt niet gezondigd, maar je hebt je wel zeer vergist.
Dit kan echter gecorrigeerd worden en God zal jou daarbij helpen, want Hij weet dat je niet tegen Hem zondigen kunt. Je hebt Hem afgewezen omdat je Hem liefhad, terwijl je wist dat als jij jouw liefde voor Hem zou erkennen je Hem niet zou kunnen afwijzen.
Jouw afwijzing van Hem wil dan ook zeggen dat je Hem liefhebt, en dat je weet dat Hij jou liefheeft. Bedenk dat je datgene wat je afwijst eens gekend moet hebben. En als jij afwijzing accepteert, kun je ook accepteren dat die ongedaan wordt gemaakt. Je Vader heeft jou niet afgewezen.’ (T10.V.6:1-6, 7:1)
Met name die ene vetgedrukte zin vind ik prachtig en bemoedigend voor al die mensen die nu nog zeggen dat ze niet in God geloven of dat hij niet bestaat. Ik wordt blij van die afwijzing. Wie had dat nu gedacht? Dat betekent dat er een moment in tijd komt, dat die afwijzing ongedaan wordt gemaakt. Cool.

En wat als de afwijzing al ongedaan is gemaakt, en ik dat alleen maar hoef te (willen)accepteren? Cool!
Liefs, Anneke