Een Zevendaagse Zwitserse Helletocht

Martin van NieuwenhovenMartin van Nieuwenhoven (39) begint maandag aan de Swisspower Gigatlon. ‘1500 km duursport in zeven dagen, dát kan eigenlijk niet.’ Het mega-evenement duurt tot en met 14 juli. Vijf onderdelen staan er op het programma: zwemmen, fietsen (op ATB- en racefiets), skeeleren en hardlopen.

Al enige tijd probeert Martin van Nieuwenhoven het antwoord te vinden op de vraag die vrijwel iedereen hem voorlegt: wat is nu eigenlijk je drijfveer? Wat bezielt iemand om – alleen – in zeven dagen 25 km te zwemmen, 1098 km te fietsen (op ATB en racefiets), 173 km te skeeleren en 181 km hard te lopen. De organisatie van de wedstrijd zegt: ‘Individueel is het niet te doen, zo’n wedstrijd. Wel in teams.’

Daar zit wel wat in, vindt ook Van Nieuwenhoven. Want hoe moet iemand tijdens zijn inspanning tussen de tien- en elfduizend calorieën naar binnen werken en binnen hóuden. En dan moet het ook niet koud zijn of regenen, want in dat geval neemt het energieverbruik toe. ‘Ik moet voor zessen uit bed, gemasseerd worden en iets lichts eten. Voor het zwemmen kan ik natuurlijk geen warme kost nemen. Dat is killing.’

Rob Barel, Nederlands meest succesvolle triatleet ooit, laat op de website van de organisatie weten dat een solist het in deze wedstrijd beslist veel zwaarder krijgt dan een renner in de Tour. De toppers verbranden in de gigatlon meer dan tienduizend calorieën per dag. Renners in de Tour verbruiken gedurende drie weken dagelijks ongeveer zesduizend calorieën. Wielrenners gaan bovendien aan het infuus voor vloeibaar voedsel. Technisch schijnt het onmogelijk te zijn om tijdens de gigatlon, die voor individuele atleten dagelijks tussen de twaalf en zestien uur duurt, de strikt noodzakelijke energie binnen te krijgen.

Van Nieuwenhoven, die zelf graag kookt, heeft veel geëxperimenteerd met gels en repen. ‘Ik denk niet dat het eten mijn grootste probleem zal worden. Ik heb tijdens meerdaagse trainingen gemerkt dat mijn knieën en bovenbeenspieren het eerst opspelen. Daar begint het dus vooral te knagen. Dan mis ik ook de macht, álles doet pijn.’

De laatste tijd bouwt Van Nieuwenhoven af en traint hij alleen nog in de middagpauze. ‘Af en toe lig ik ’s ochtends nog in een van de grindmeren in de buurt. Om aan de temperatuur van het buitenwater te wennen. Koud? Lang niet zo koud als straks in Zwitserland. Voor het water in Davos en de Brienzersee hebben ze me gewaarschuwd, daar kan het wel eens tussen de tien en twaalf graden zijn. Dan wordt de afstand ingekort om onderkoeling te voorkomen. Ik heb een neopreen cap besteld omdat via het hoofd de meeste warmte verloren gaat. Raak je onderkoeld dan word je er uitgevist en is het einde wedstrijd. Dat mag niet gebeuren.’

Mark Allen, zesvoudig ironman op Hawaï, is uitgesproken somber over de kansen van de solisten: ‘Ik denk dat van de 163 individueel startende atleten er maar weinig zullen finishen. Het zal zeer zwaar worden.’

In 2000 nam Van Nieuwenhoven deel aan een eendaagse gigatlon waar hij bijna zeventien uur over deed. ‘Een supporter riep tijdens het slotonderdeel dat ik op de elfde plaats lag. Ja doei dacht ik, je probeert me op te peppen. Maar op het volgende wisselpunt waar ik opnieuw een handtekening moest zetten, ben ik stil gaan staan om alle parafen te tellen. Het klopte. Waar is de rest dacht ik toen.’

Van Nieuwenhoven heeft van de eendaagse wedstrijd geleerd, dat hij het tempo de eerste twee dagen niet te hoog moet opvoeren. ‘Doe ik dat wel dan gaat de verbrandingsmotor meteen in de overdrive. Dan val je, ook al doe je op dat moment niets, anderhalf à twee kilo per dag af. Ik moest twee weken lang het dubbele eten van wat ik normaal verorber. Daarom wil ik goed gevuld aan de start verschijnen – ongeveer twee kilo boven mijn normale gewicht – en heel rustig beginnen.’

De aannemer uit Buggenum omschrijft zijn gevoel tijdens zo’n duurinspanning als een flow. In 1992 begon hij met hardlopen, vooral marathons. ‘Ik ontdekte dat ik een zekere cadans bereik waarin ik één word met de natuur. Ik zie bijna alles onderweg en ik geniet. Het gevoel van zweven had ik voor het eerst bij de langere duurlopen, bij wedstrijden boven de veertig kilometer.’

Trainen kun je voor het rondje Zwitserland niet. ‘Je bent er nooit klaar voor.’ Daarom heeft hij gekozen voor, zoals hij dat noemt, een golfbeweging. ‘Ik train in de lange weken twintig tot dertig uur om het vervolgens wat rustiger aan te doen. Alleen tijdens trainingskampen zoek ik een extra impuls en maak ik veertig tot vijftig uur.’

Daarna doet hij het een week rustig aan. Fine tuning noemt hij dat. ‘Ik voel goed aan wanneer ik moe word of veel meer eten nodig heb.’

Met Pasen trainde Van Nieuwenhoven vier dagen op hoogte in de Pyreneeën en met Pinksteren was hij een week op het parkoers in Zwitserland. Daar schrok hij enorm van het skate-traject op de eerste dag van de wedstrijd. Dat bleek te zijn omgelegd omdat de organisatie geen toestemming had gekregen voor de weg langs het meer van Genève.

‘Ik heb de route wel twee keer met de auto nagereden: 7 km vlak, 10 km omhoog en vanaf de top 1,5 km dalen. Het gaat daar gigantisch omlaag. Ik heb skeelers met vijf rollers en daar zit geen rem op. Ik durfde het niet aan om daar omlaag te gaan. Ik train nu op het remmen met een ervaren skater. De 5-wielers heb ik verruild voor vier met een rem.

‘Gelukkig kan ik goed improviseren. Dat weet ik van de tijd toen ik nog zelf in de bouw op de steigers stond. Ik blijf heel rustig en ook heel helder. Ik zie altijd weer mogelijkheden.’

Die eigenschap zal hij straks bij zijn zevendaagse helletocht in Zwitserland ook nodig hebben.

Eerder gepubliceerd in de Volkskrant, Sport, 5 juli 2002 (pagina 15)

Advertenties

Over Frans

Frans Vermeulen took his first spiritual footsteps in Australia at the Australian Institute of Metaphysics. Thereafter he focused as a writer on spiritual topics. Frans has interviewed some of today’s leading spiritual teachers, including Rananda, John de Ruiter, Drunvalo Melchizedek, Robbert van den Broeke, Caroline Myss, Ton van der Kroon, William Whitecloud, dr. Sha, Robbert Moss, Olof Smit, Patricia Cori, Robert Tenzin Thurman, Eric Pearl and Gary Renard. His greatest love is what he regards as “the pure non-duality of A Course in Miracles.”
Dit bericht werd geplaatst in Interviews, Sport en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s